Gepubliceerd op: 9 August 2020

Overweging uit de viering onder leiding van parochianen (Carien Denissen en Wieke Schimmel) op zondag 9 augustus in de Jozefkerk

Lezingen: 1 Koningen 19: 9a,11-13a ; Mattheüs 14: 22-33

God waar ben je?

Petrus roept Jezus. Elia zoekt God. Elia roept God op de berg bij de grot. De profeet Elia vertrouwde op God en preekte over God. Maar de mensen stonden Elia naar het leven. Hij staat in de eerste lezing alleen en Elia wordt bang. Hij begint te twijfelen. God waar ben je? roept hij. God zit niet in de hevige storm die volgt en ook niet in de aardbeving en het vuur die volgen.

Ook wij zitten soms te tobben en te dwalen. Ook al hebben we wij vertrouwen op God. God blijft verborgen. Hij is ongrijpbaar. Ook wij zoeken God.

Ik hoorde een keer het verhaal van René die God wilde ontmoeten en ’s avonds bad: ‘God, kan ik u zien?’ En God antwoordde ‘Morgen zie je mij op het kruispunt in de stad’. De volgende dag stond René al vroeg op het kruispunt te wachten. Het was druk op het plein. In de drukke ochtendspits werd een fietser aangereden. Maar René bleef staan om op God te wachten. Anderen op weg naar hun werk,  hielpen de gewonde fietser en belden zijn familie en de ambulance.

In de middag liep er een verdwaasde dame die niet over durfde te steken. Van angst liet ze haar doosje eieren op de grond vallen.  Maar René bleef staan om op God te wachten. Een scholier hielp de dame uiteindelijk oversteken.

Aan het eind van de middag stopte er een auto op het plein met een lekke band. De bestuurder was een uur bezig om zijn band te verwisselen. Na een tijdje kwam er iemand om te helpen de nieuwe band erop te doen. Maar René bleef staan om op God te wachten.

Toen het donker werd ging René teleurgesteld naar huis. ’s Avonds bad René:

’God waar was je? Ik heb de hele dag staan wachten.’ En God antwoorde: Ik was er vandaag drie keer: als gevallen fietser, als verwarde dame en als autobestuurder met pech. Maar jij zag mij niet.’

 

In het evangelie van Mattheüs wordt ons vandaag verteld over Petrus die tijdens de storm op het water in paniek raakt en naar de veilige plek van Jezus wil gaan. Petrus staat hier in het verhaal, voor het volk van Christus, voor alle volgelingen, voor ons. De storm op het water staat hier voor de vernietigende en negatieve krachten in ons leven. Wij worden allemaal wel eens overvallen door onzekerheid en angst tijdens een moeilijke tijd in ons leven. Wij zijn het overzicht kwijt. We zien geen doel of geen uitweg in de chaos.

Of er wordt teveel van ons verwacht. Dat maakt onzeker. En dan is er nog het andere leed in de wereld: oorlog en geweld, machtsmisbruik, vernietiging van de natuur, een ontploffing in Beiroet, de Corona-pandemie…

Ook wij vragen ons in donkere tijden (net zoals Petrus) verbitterd af: Waar is God? Waarom helpt hij mij niet? Waarom brengt hij de storm niet tot bedaren?

Mattheüs geeft ons het antwoord in het verhaal. Jezus dwingt Petrus (en dus ons), om de storm te trotseren. Tegenwind hoort bij het leven. Pas aan het eind van de nacht, als je het niet meer verwacht, komt Jezus in de storm naar Petrus (naar ons). Daar gaat dit verhaal over. Jezus loopt over de chaos van het water. Jezus laat zich niet opslokken door negatieve krachten. Hij is het kwaad, de angst, de baas. Hij zegt tegen ons: “Ik ben hier, wees niet bang. Vreest niet.’.

Maar wij zijn bang als we geen vaste grond onder onze voeten hebben. Net als Petrus lopen wij naar hem toe, naar zijn veiligheid,  maar gaan dan toch weer twijfelen, overspoelt door wind en geluiden van buitenaf. En dan, …als wij het niet meer weten …en kopje onder gaan… steekt Jezus ons de hand toe en pakt ons vast.

Jezus steekt ons de hand toe en zegt ’Kom’, als een bemoediging, ‘kom maar naar mij’. Wij kennen allemaal het beeld van een kind dat de eerste stapjes zet  en de ouder die zegt: kom maar! Kom maar in de veilige armen van papa of mama. Kom, zet je eerste stap,  kom, zodat jezelf kunt ontwikkelen, zodat je kunt groeien, je eigen verantwoording kunt dragen.

Zo is het hier ook met de hand die God ons toesteekt. Want net als Jezus steekt ook God ons zijn hand toe wil het verhaal zeggen. Het is een bemoediging om de uitdaging aan te gaan van het leven. Het leven met vallen en opstaan, met ups en downs. Een kind gaat zijn weg met het vertrouwen dat hij of zij de veiligheid en het vertrouwen van de ouders in de rug heeft.  Als ouder weet je dat je je kind niet overal tegen kunt beschermen. Het kind  is soms bang om ergens aan te beginnen. Je stuurt het kind bij. Je leert hem/haar het in kleine stapjes aan te pakken. Je leert het kind dat het niet alles hoeft te kunnen. Dat het talenten heeft en die talenten kan verder ontwikkelen.  Maar je kunt je kind niet overal tegen beschermen…

Zo is het ook met God. Hij wil als een Vader of Moeder voor ons zijn. Soms zijn er in het leven donkere tijden van verdriet en angst. We kunnen de weg kwijt raken. Denken dat we ten onder gaan. Weten we dat God dan dichtbij is? Durven wij die uitgestoken hand dan te vertrouwen? Wij willen in hem geloven maar durven we dat ook volledig? Of twijfelen we? God twijfelt niet aan ons.

Waar is God?

Ik denk dat God onder de mensen is. Maar zien wij God wel in de mensen om ons heen? Of zijn wij net als René in het verhaal en wachten we af, wachten we af en zien we niets? Hoe groot is ons vertrouwen in de mensen? God wil dat wij in onszelf en in elkaar geloven. Hij zegt in het evangelie: ‘Kleingelovige, waarom hebt gij getwijfeld?’.

Geloof in jezelf, geloof in de mensen om je heen én geloof in God. Hier is kracht voor nodig, zelfvertrouwen, vertrouwen en hoop op een goede afloop, een uitgestoken hand aannemen, vertrouwen in de ander. Wij ervaren hem als wij elkaar de hand toe steken. Want God is onder de mensen!

En ik denk dat God in de stilte is. Elia vond God in de stilte. Voor God uit trok een verwoestende storm voorbij, daarna een aardbeving én een hevig vuur. Maar daarna vond Elia God bij de grot op de berg … in de stilte.

Ook Jezus vond God in de stilte. Na de broodvermenigvuldiging zegt Mattheüs in het begin van het evangelie zond Jezus iedereen, de leerlingen en het volk,  weg en hij ging alleen de berg op. Alleen, in de stilte van de avond, alleen op de berg, bad hij tot God. In de avondstilte bij het meer.

In de stilte kun je mediteren, loskomen van drukte en chaos,  je ontspannen, je gedachten ordenen, je problemen benoemen en proberen los te komen van je problemen, God om ontferming vragen. Bidden.

Waar is God?

God is onder de mensen én God is in de stilte.

Amen.

Carien Denissen

Meer berichten

Hildegardmeeting 20 september afgelast

Hildegardmeeting 20 september afgelast

Hildegardmeeting zondag 20 september afgelast In overleg met de andere leden van de organisatie van de Hildegarddag moet ik jullie mededelen dat de Hildegarddag op zondag 20 september (gezamenlijk bijeenkomen in Den Horn) NIET doorgaat.Er zijn parochiebreed te weinig...

Concept locatievisie Jozefgemeenschap 2020-2026

Concept locatievisie Jozefgemeenschap 2020-2026

Beste parochianen van de Jozefgemeenschap, Bijgaand (klik op deze link) treft u een concept aan van een door de Jozefraad geschreven missie en visie. De locatieraad moet én de praktische gang van zaken op de locatie coördineren, én, vanuit een pastorale insteek, oog...

Programma Raad van Kerken Zuidhorn 2020 – 2021

Programma Raad van Kerken Zuidhorn 2020 – 2021

Via deze link kunt het boekje van het WinterWerk van de Raad van Kerken Zuidhorn lezen: een breed scala aan activiteiten op het gebied van vorming en toerusting. De opzet is nadrukkelijk oecumenisch van aard. Opgave kan via de mail (u krijgt dan ook een...